beleggen zodra ze zijn uitgerold.
Bereid daarnaast de bakplaat voor door deze met bakpapier te bekleden. Het bakpapier voorkomt dat het zachte deeg aan de bakplaat blijft vastzitten en maakt het gemakkelijker om de gebakken pizza’s na afloop van de plaat te halen.
Het deeg verdelen en uitrollen
5. Vier gelijke porties maken
Verdeel het deeg na de rusttijd in 4 gelijke delen. Probeer de stukken ongeveer even groot te maken, zodat de pizzabodems later een vergelijkbare dikte en baktijd hebben.
Vorm ieder deel tot een gladde bal. Trek de buitenkanten van het deeg voorzichtig naar beneden en vouw ze aan de onderkant samen. Hierdoor ontstaat aan de bovenkant een redelijk glad oppervlak en wordt het gemakkelijker om een regelmatige ronde bodem uit te rollen.
Laat de deegballen tijdens het verwerken naast elkaar op het werkblad liggen. Bestrooi het oppervlak indien nodig opnieuw met een kleine hoeveelheid bloem, vooral wanneer
